dinsdag 29 juni 2021

Huizenjacht


Al anderhalf jaar help ik mijn dochter in een intensieve zoektocht naar een huis groot genoeg om haar gezin met kinderen en pleegkinderen en af en toe een logeerkind in te huisvesten. We denken zelfs aan een huis groot genoeg voor twee gezinnen. Het liefst buiten het dorp, met voldoende grond om die wildebrassen te laten uitrazen.

Het is een eindeloze zoektocht geworden. De prijzen van huizen zijn enorm gestegen. En de gemeente Hardenberg is qua prijsgroei zelfs koploper in Nederland. Bijzonder? Nee, niet echt. Het thuiswerken heeft een enorme vlucht genomen. Nog versterkt door de Corona pandemie. Hierdoor is er een migratie op gang gekomen van het westen naar het oosten van het land. Waarom zou je tenslotte in een flat willen wonen als je ook kunt thuiswerken in het prachtige Vechtdal?!

Tegelijkertijd is er een ander gek fenomeen aan de hand. Er worden steeds minder huizen aangeboden. Stonden er vier jaar geleden nog ruim 200 te koop, zijn dat er nu amper 50. Deels worden ze razendsnel verkocht, maar deels worden er ook een pak minder aangeboden worden. Want waarom verkopen als je duurder moet terug kopen? Met de wet van vraag en aanbod in het achterhoofd - bij een grote vraag en weinig aanbod stijgt de prijs - is het dus nog moeilijker iets te vinden.

Dus we hebben een dilemma. Waar vinden we dat ruime huis? het liefst met veel grond ergens in een ruime cirkel rond Dedemsvaart? We hebben voorlopig een creatieve oplossing bedacht. We ruilen van woning. Maar echt tevreden zijn we daar niet mee. Dit compromis is niet de echte droom oplossing. Maar voorlopig kan het er mee door. En eh, mocht u zich aangesproken voelen? Wij houden ons aanbevolen!

Rudi Bults

dinsdag 22 juni 2021

Het maaiwonder


Dit wordt een dankbaar stukje, maar het begint met een trauma. Het is voorjaar 2020 en voorjaar 2019, voorjaar 2018, enzovoort. Het is mooi, hier in Gramsbergen. Voorjaar: tussen het opkomend gemeentegras zie ik al de nu nog donkere, jonge planten van de pinksterbloem. De rozetten van de madelief zijn niet te missen, die zijn er altijd. Bellis perennis: mooi-het-jaar-rond. Boterbloemen, zuring, grootbloemig muur, het wordt prachtig.

Dat wil zeggen: het had prachtig kunnen worden. Maar… weèeèhhh…… wèèèèh…… Queen zingt ergens over een ´death on two legs´, wel, dit is ´death on four wheels´. In schutkleur groen raast het nietsontziend maaimonster over de grasmat. Pinksterbloemen, boterbloemen in de knop, paardenbloemen, zuringscheuten, madelieven, het sterft alles een acute dood. Binnen twintig minuten is de bloemenzee veranderd in een botanisch Margraten, enkel geschikt om, in stukken geknipt, te worden verkocht als biljartlaken: 2020, 2019, 2018...

En toen: 2021... Pinksterbloem & co begonnen weer aan hun zinloze wedloop tegen het maaimonster. Maar dat bleef weg! Je zag de grassen wassen, pinksterbloemen rekten zich, zelden zag je madelieven op zulke ranke stelen. Klaprozen, korenbloemen, margrieten, insecten gonsden als in geen jaren. Toen de maaimolog alsnog opdook, graasde die alleen de randen langs het fiets- en wandelpad kaal.

Wat is dit: ambtelijke vergissing, een singulariteit? Buiten Gramsbergen zie ik hetzelfde verschijnsel. Dood-door-maaien lijkt overnacht letterlijk een randverschijnsel geworden. De natuur juicht, ik juich mee. Wie dit ook heeft bedacht: hulde. Ga zo door en in 2022 kunnen we weer onbezwaard een bosje pinksterbloemen plukken.

Adrian Verbree

dinsdag 15 juni 2021

Vaderdag


Ik kon niet zo heel best opschieten met mijn vader. Toen ik klein was, ging het prima. Dan kijk je tegen je vader op, wat hij ook doet of zegt. Maar toen ik de puberleeftijd bereikte, wilde ik meer: echt praten, discussie, serieus genomen worden. Dat bleek tot mijn grote frustratie niet mogelijk. Mijn vader bezat domweg die vaardigheden niet. Zo was het, en niet anders! Dat was mijn vader.

Qua schoolprestaties was niets goed. Waarom was die acht geen negen? De negen geen tien? En omdat uiteindelijk niets goed genoeg was, was dat ook precies wat ik ging doen: niets. Ik zakte voor twee vakken en verliet het VWO met vijf certificaten maar zonder diploma. Tot grote frustratie van pa.

Toen ik begin twintig was, ging ik samenwonen met Erna, in Brucht. Ver weg van de dagelijkse irritaties in het ouderlijk huis. En het wonder geschiedde, onze band veranderde langzamerhand in iets wat je gelijkwaardig zou kunnen noemen. Het ingrediënt waar wij naar op zoek waren geweest voor een gezonde verstandhouding, was afstand. De gesprekken die we voerden, gingen over de alledaagse dingen: politiek, het weer, het verkeer. Mij niet diep genoeg, maar vooruit, het begin was er.

Ondanks alles hield ik van mijn vader. De loyaliteit van kinderen ten opzichte van hun ouders is ongekend. Daar heb ik in mijn werk als docent vele bijzondere voorbeelden van gezien. En ik genoot van onze hernieuwde relatie. Niet lang. Toen ik zesentwintig was, stierf mijn vader plotseling. Dat voelde zo oneerlijk, we waren zo mooi op weg. Ik heb daar lang last van gehad. Maar ik heb er ook mijn weg in gevonden en kijk met veel warmte terug op de periode dat mijn vader bij ons was. Da’s toch mooi…

Bert Nonkes

dinsdag 8 juni 2021

Falosofie


Misschien klinkt het arrogant, maar toch: ik ben er goed in. In fouten maken, al zeg ik het zelf. Van kleintjes, zoals Optimel toevoegen aan de lasagne tot grote: aan de autoradio prutsen tijdens het rijden en daardoor een botsing veroorzaken. Niemand heeft mij hier ooit een compliment voor gegeven, of me verteld dat ik goed bezig was. Had ik toen maar geweten dat fouten maken oké is en dat je door ze te verbeteren iets leerde. Waarschijnlijk had ik me minder rot gevoeld.

In onze maatschappij is fouten maken iets vervelends. Zonde, want we zijn juist zover dankzij fouten! Google maar eens op het ontstaan van penicilline. Er zouden minder perfectionisten bestaan als we relaxter om zouden gaan met het maken van fouten. Falen wordt nu gezien als iets negatiefs. Dat begint al jong. Als ik mijn kleuters een vraag stel, steken er veel kinderen hun vinger op, maar lang niet iedereen: want stel je voor dat het fout is. Gelukkig hebben we daar als leerkrachten wel invloed op. We laten zien dat wij ook fouten maken en dat we daarvan leren. Het riedeltje "Van proberen kun je leren” buigen we om naar: proberen ís leren. Ik volgde een webinar hierover en vond het een eye-opener. Het zal wel lang duren voordat iedereen dit zo zal zien, dus ik begin er thuis vast mee. Van een mislukking maak ik een misleuking. Ik ga instellen dat we ‘s avonds de leukste fout van de dag gaan kiezen. Mijn kinderen zijn steevast mijn proefpersonen bij nieuwe dingen.

Over proeven gesproken: dankzij mijn vergissing dat ik de Optimel voor melk aan zag en in de lasagnesaus verwerkte wordt mijn lasagne nu wel gewaardeerd! Er zitten dus ook voordelen aan fouten maken. Ik gun u er ook één vandaag: succes!

Karin van Dijk

dinsdag 1 juni 2021

Vrijheid


Het was zo gewoon, doen waar je zin in had. Sinds 1,5 jaar is dat niet meer zo. Ik dacht in januari vorig jaar dat het wel zou overwaaien maar op 16 maart ging de praktijk dicht. De weken daarop ga ik online, ik ontdek beeldbellen, zet oefeningen op papier die ik in brievenbussen stop. Ik maak filmpjes en ga op huisbezoek waar ik soms vanuit de tuin door het raam heen de oefeningen met mijn patiënten doorneem.

Na 10 weken gaat de praktijk weer open en sindsdien werken we met mondkapjes en ontsmetten we de apparatuur en behandelbank stuk. Ik praat veel over COVID, het gaat steeds vaker over vaccineren. Gelukkig zijn de meeste mensen zo verstandig dat ze zich laten vaccineren. Als ik langs de evenementenhal rijd doet de volle parkeerplaats me deugd. Zelf ben ik als zorgmedewerker al twee keer gevaccineerd. Ik voel me hierdoor ook minder kwetsbaar voor mezelf maar ook voor anderen.

Afgelopen vrijdag kregen we het nieuws dat er steeds meer mag. Terug naar normaal. Ik wil heel graag weer reizen, genieten van andere culturen en daarvan leren. Er is veel discussie over de kans op complicaties bij het vaccineren. Als ik ga vliegen is er ook een kans dat me iets overkomt. Leven is nu eenmaal risico's lopen elke dag weer. Deze week is daar de kans bijgekomen dat een vliegtuig wordt gedwongen te landen in een land waar het overheen vliegt. In dat land is helemaal geen vrijheid. Daar wil ik niet naar toe, maar hoe groot is die kans. Moet ik me daar straks ook druk over maken. Ik ga dat niet doen, ik wil positief leven en ga uit van het goede. De in ballingschap levende oppositieleider uit Wit-Rusland zei het erg mooi; "waardeer de vrijheid die we hebben”.

Henk Leemhuis

dinsdag 25 mei 2021

Poesterig in 1972


Afgelopen week zat ik te appen met een goede kennis die een column schrijft voor het Dagblad van het Noorden. Het ging over het Nedersaksische woordje ‘toesterig’ dat ze schijnbaar gebruiken in zuidoost Drenthe. Nu is ‘platproaten’ zowel voor hem als mij gesneden koek, maar deze uitdrukking kende ik nog niet. Wel de uitdrukking ‘poesterig’, merkte ik op. We kwamen al snel tot de conclusie dat dan wel hetzelfde moest betekenen.

Wat na mijmerend over dit woordje, zie ik ineens mijn moeder weer voor me staan. En ik hoor haar zo nog roepen: ‘Jong wat ziej d’r weer poesterig uut, goa toch eens noar de kapper en trek eens een schone kleren an’. Ik wist ook gelijk weer welke kleren ze toen op doelde, de allereerste die ik ooit zelf kopen mocht. Kleren, waar ik zo trots op was dat ik ze alleen uit deed om naar bed te gaan of in de was te doen als het echt niet langer kon! Een Lois spiekerbroek met wiede piepen en een supergave Hawaï bloemetjesblouse. Niet echt mijn moeders smaak, maar wel de mijne, net als die dikke bos met kroeshaar die vrij gebruikelijk was bij mij en mijn vrienden. Gewoon lekker dwars tegen de vorige generatie in zoals dat hoort wanneer je een jaar of dertien bent.  

Mijn moeder vond al dat gepuber van haar oudste maar moeilijk. Gelukkig had ik hulp, mijn vader, steun en toeverlaat in moeilijke pubertijden, en tegelijkertijd de man waar mijn moeder haar leven lang verliefd op bleef. Glimlachend en relativerend wist hij altijd weer mijn moeders irritatie wat te sussen en tegelijkertijd mij stilzwijgend aan te moedigen vooral mijn eigen weg te blijven zoeken.

Uiteindelijk was die zomer van 1972 dan ook een heel erg gelukkige, echt zo’n Hawaï-bloesjes-zomer, zeg maar, waarin ik niet alleen mijn eerste pizza at, maar ook mijn eerste meisje kuste. Wel een zomer die ik volgens mijn moeder nogal poesterig heb doorgebracht.

Rudi Bults

dinsdag 18 mei 2021

In mei legt elke vogel...

Kent u ze, die fotoalbums die je van je vakantiekiekjes kunt samenstellen? Online, met tal van compositiemogelijkheden en betoverende achtergronden; alsof Bruchterveld ineens aan de Stille Zuidzee ligt. Binnen de kaders van al dat fraais schikt u uw mooiste herinneringen. Ik wil zo'n album niet.

Ik had meivakantie. Rutte & Co. waren op de hoogte: ik had hun voicemail ingesproken. Ze luisterden goed; naar de stem van het volk, zeg maar. In mijn vakantieweek zouden, zo besloot Den Haag, de terrassen weer open gaan. Mooi, dacht ik, misschien moeten we die man toch nog een kans geven. Dankbaar liet ik in ons kerkblad vermelden dat Gea en ik een weekje van de radar zouden zijn: wij gingen een rondje Nederlandse terrassen doen.

En toen was het zover. En toen was mei ineens februari geworden. Hoezo terrassen?! Nou ja, eentje hebben we geprobeerd. Uit de wind, onder een afdak, en met ons gezicht in de richting waar volgens Buienradar de zon zich zou kunnen bevinden. Gea bestelde een kop thee. Ik moest iets langer nadenken. De thee kwam. ´Snel opdrinken´, zei ik, ´´t is nu nog warm´. Maar Gea wilde haar thee ´niet zo heet´ drinken. Ik dacht: zoek het dan ook maar uit en bestelde een whisky. ´Nee, geen ijs, ben je mal!´ Terwijl Gea sneu constateerde dat haar thee ijsthee was geworden, klemde ik mij kleumend vast aan mijn whiskyglas.

´Gezellig hè,´ zei ik dapper. Maar ze hoorde me niet, want ze was net bezig een wak in haar thee te hakken. Wat een kou! Terwijl we naar huis reden, zag ik een vlucht regenwulpen die ondersteboven door het luchtruim werd gesleurd, alom waren takken aan de wandel en de regen oefende de horizontale versie. De rest van de week hebben wij geschuild in kringloopwinkels en achter Netflix.

In mei legt elke vogel een ijsje. U kunt me de pot op met uw mooie vakantiefotoalbum. Ik wil geen fotoalbum. Ik wil nog een glas whisky, en laat de fles maar staan.

Adrian Verbree