woensdag 12 december 2018

Puberzweet


Je moet het maar kunnen. Een lokaal vol zwetende pubers enthousiast krijgen voor saaie leerstof. Ik heb er respect voor! Een kwart van de docenten in het VO is de afgelopen twaalf maanden uitgescholden en bedreigd door leerlingen. Dit bleek uit recent onderzoek onder elfhonderd docenten. Een kwart die dit meemaakt: dat vind ik schrikbarend veel. Hoe was dat toen wij naar het Voortgezet Onderwijs gingen?

Ik ging naar de Jan van Arkel, waar ik een enorm fijne tijd heb gehad. Sommige docenten zijn me bijgebleven omdat ze je begrepen en probeerden aan te sluiten bij waar wij pubers mee bezig waren. Anderen draaiden hun lesje af en hadden minder feeling met ons. En die docenten moesten het weleens ontgelden. Dan nam iemand de afstandsbediening van huis mee en ontregelde de video die de docent wilde laten zien, dat soort grapjes. Maar echt schelden en bedreigen heb ik niet meegemaakt. Wij haalden met vriendinnen ook wel dingen uit en hebben geregeld gespijbeld. Maar we hadden creatieve redenen waarom we niet aanwezig waren en vooral ook waarom onze ouders dat niet mochten weten. Onze opgemaakte onschuldig kijkende ogen hebben ons er doorheen geloodst. Toen we vanaf Havo 4 spijbelbriefjes kregen waren we dan ook gelukkig: je mocht een aantal uren legaal spijbelen en daar leverde je dan een briefje voor in. Dat werd ook niet doorgegeven thuis. Wat dat betreft hebben onze pubers het wel iets lastiger. Want ouders kunnen alles meekrijgen via Magister. Dit programma houdt bij wanneer je kind aan- of afwezig is, of de spullen zijn meegenomen en ook de cijfers staan erin. Blij dat wij dat niet hadden. Wat mij betreft begint vanaf klas 1 het ‘Grote Loslaten.’ Ik denk dat het meer indruk maakt als je op je kop krijgt van een docent of directeur dan van je ouders. Daar ligt misschien ook wel een puntje. Want ouders zien ook op Magister dat hun kind er uit is gestuurd. Daar wordt thuis dan over gepraat en met een beetje pech zijn dat ouders die altijd voor hun kind opkomen, terecht of niet. Pubers weten dat precies, en ik denk dat ze daarom misschien ook wel durven te schelden tegen docenten. Want hun ouders komen ze toch wel redden. Sta dan als docent maar eens stevig in je schoenen. Dus: petje af voor deze beroepsgroep. Fijn dat jullie ze door die lastige tijd loodsen en ze motiveren! Nog even bikkelen en dan is het vakantie. Dan zitten wij ouders met het puberzweet opgescheept.

Karin van Dijk

woensdag 5 december 2018

Sinterklaas


Uw columnist trekt elk jaar op deze dag zijn rode toga aan en wordt door een kapper voorzien van pruik en baardstel. Vandaag voor de 34ste keer. Wat een geweldig kinderfeest! Wat een heerlijk eerlijke kinderen die vol enthousiasme van alles vertellen. Piet, die ook al 30 jaar mijn rechterhand is speelt in dit spel ook een geweldige rol. Samen maken we er telkens een spel van wat voor de kinderen erg spannend is, maar ook voor de leerkrachten want Piet en Sint bepalen hoe het spel gespeeld wordt.

Maar de laatste jaren heeft mijn Piet het moeilijk, hij wordt door een handjevol mensen beschuldigd van discriminatie. En niet alleen dat, het wordt ook steeds lastiger om het roet op zijn gezicht te krijgen als hij afdaalt door de schoorsteen. Ik ben wel een voorstander van het laten verdwijnen van vieze schoorstenen. Als ik door de wijk waar ik woon fiets dan stinkt het in deze tijd van het jaar enorm naar brandende allesbranders. Het is gewoon benauwend en dan heb ik gelukkig gezonde longen. Veel van mijn patiënten hebben dat niet en vermijden zelfs het ‘s avonds naar buiten gaan. Vreemd dat het allemaal zomaar kan, geen roetfilter verplicht en alle fijnstof zomaar de lucht in. We maken ons terecht druk om allerlei milieuvervuilende zaken maar als het aankomt op zelf te nemen maatregelen dan knijpen we graag een oogje toe.
Als we nou eens afspreken dat we de kachels schoner laten branden, dan hoeft Piet geen roetvegen op zijn gezicht te maken. Hij kan zich gewoon schminken zoals hij dat al meer dan 100 jaar doet. Gewoon met bruin of zwart uit een potje. Dan kunnen mensen met ademhalingsklachten beter over straat als de kachels branden. Sint en Piet blijven de kindervrienden die ze altijd al waren en we maken er met en naast elkaar een gezellige pakjesavond van.

Henk Leemhuis

woensdag 28 november 2018

“Legwezen!”


“Afscheid nemen bestaat niet”, zingt Marco Borsato al jaren. In zeker zin klopt dat natuurlijk, maar vandaag ga ik het toch doen. Dit is namelijk mijn laatste column in de Toren. Dat vind ik erg jammer, maar de tijd in combinatie met mijn vele uiteenlopende bezigheden dwongen me tot het maken van keuzes. Ik blijf schrijven, maar helaas niet meer hier.

Ik vond het wel erg leuk! Ik heb genoten van jullie reacties, en vond het een uitdaging om steeds weer wat nieuws te verzinnen. Ik schrijf best veel, maar nooit met een deadline. Dit laatste bleek niet altijd even makkelijk, en één keer was ik het stiekem zelfs vergeten. Gelukkig bracht dit direct de nodige inspiratie waardoor ik alsnog, last minute, de column kon inleveren.
Favoriet onder de lezers waren de columns over mijn kinderen. Vooral de capriolen van mijn dochter deden het goed, bleek uit de reacties op straat. Hier thuis ook moet ik zeggen, want het is een joker! Op het moment zitten we weer in een nieuwe fase, en zijn driftbuien de laatste dagen orde van de dag. Ze gilt ons de oren van het hoofd en zit regelmatig voor straf op de trap af te koelen met haar mooie boze ogen. “Hoort er bij” hoor ik je denken, maar over afscheid nemen gesproken, tegen deze fase zeg ik heel graag “Doei”. Wat dan wel weer grappig is, is dat ze haar vader en grote broer ook met regelmaat om het minste of geringste naar de gang stuurt. Uiteraard mét wiebelend vingertje en een bazig “Legwezen!”. Het blijft een fantastisch kind…

Dit was hem dus! Bedankt allemaal voor het lezen en we komen elkaar vast nog wel eens tegen. Op straat, in de Toren of ergens tijdens één van mijn optredens in Hardenberg. Ik heb genoten, en zal dat blijven doen van mijn collega-schrijvers. En, zoals Marco ook wel eens zingt, “Ik zou het zo weer overdoen”.

Anja

woensdag 21 november 2018

Medelijden


Wanneer mensen alles hebben is merkwaardig gedrag nooit ver weg. Toen het Romeinse rijk floreerde, kon men tot twaalf uur durende bras- en slemppartijen houden waarbij een volle maag geen reden was te stoppen met innemen. Een in de keel gestoken veer diende om het genotene weer naar buiten te werken en plaats te maken voor meer. De filosoof Seneca schreef: ‘wanneer we eten tijdens een banket, is er een slaaf om het kots van de vloer op te vegen’ (als u niet zo thuis bent in de klassieken, zie Asterix en de Helvetiërs, pagina 7). Rare, nare jongens die Romeinen. Ja. Maar waanzin is tijdloos. In 2014 werd in Parijs een met bladgoud bedekte Lamborghini gespot. Hoe sneu kun je zijn?

Hardenbergers zie ik het zo bont niet maken, maar in ander opzicht kun je ook aan ons gedrag zien dat wij het gewoon te goed hebben en van gekkigheid niet weten wat we moeten bedenken om toch maar weer iets nieuws te hebben. Wanneer je vroeger een gat in je broek had, werd dat betreurd en gerepareerd of je kon je broek afschrijven. Tegenwoordig lopen we er graag bij als zwervers. Splinternieuwe broeken worden (door verbijsterde arbeiders in Bangladesh?) vakkundig van scheuren en zwakke plekken voorzien. Een kapotte broek is hier helemaal af. Wat… een must! Onbeschadigde jeans, daar wil je nog niet dood in worden gevonden, dat is zó vorige eeuw. Nee, doe maar een paar fijne scheuren bij de knieën en op de bovenbenen. Kost wat meer, zo’n rijke-armenbroek, maar we trekken graag de portemonnee voor onze bedelaarsuitstraling. En we zijn arm door weer en wind; de winter nadert, maar nog steeds zie je in Hardenberg alom knokige knieën door de spleetjes in hun benenboerka gluren. Heb medelijden met ons.

Adrian Verbree

woensdag 14 november 2018

Phone home


Potverdikke, telefoon vergeten. Net nu! Ik ben op weg naar het ziekenhuis met Erna, mijn vrouw. Ze moet onder het mes. Jongste zoon kreeg vorig jaar dezelfde ingreep en dat werd een lange ochtend wachten. Ik had in die tijd mijn telefoon zinvol kunnen gebruiken: mails beantwoorden, instagrammen, facebook bijwerken, afspraken plannen, mijn financiën overzien en een leuke tweet plaatsen.

Om de tijd te doden ben ik aangewezen op de bladen op de afdeling chirurgie. Vreemd genoeg: alleen maar damesbladen. Als ik de stapel heb doorgewerkt, ben ik volledig op de hoogte van de herrie in de hormoonhuishouding, rimpels repareren en ‘Help, mijn man wordt vrouw. Wat nou?’ en alle mogelijke onderwerpen daartussen. Alle topics rijkelijk geïllustreerd, en wel op zo’n manier dat menig mannenblad naar een onschuldigheidsniveau van de Okki & Jippo gedegradeerd wordt.
Zonder mijn 4,7 inch IPhone-venster worden mijn zintuigen duidelijk meer geprikkeld door de nabije omgeving. Ik hoor de luide stem van de hoofdzuster zodat ik, of ik nou wil of niet, op de hoogte blijf van de status van opname van andere patiënten. Ook zie ik vliegjes dansen voor het raam en een haas aan de overkant van de straat wegschieten. Ja, zonder telefoon overvalt mij een weldadige rust. Raar eigenlijk, dat een apparaat dat pretendeert het leven makkelijker te maken tegelijkertijd zoveel onrust met zich meebrengt. Vooral de “Ik wil het, en ik wil het nu” functie. Onder elke willekeurige sneltoets schuilt een product, een relatie, een aanbieding, een ongekende mogelijkheid.
Het is zover. Ik zwaai mijn lief de operatiezaal in en ga snel naar huis. Naar huis, waar mijn telefoon ligt als een ongeopende, digitale verrassingsdoos met de mail- en appoogst van de afgelopen vier uur.

Bert

woensdag 7 november 2018

Behoefte


Heel apart hoe zoiets werkt. Vorige week dinsdag ook weer: bij de voorstelling van Jochem Meijer in Zwolle. Het was kwart voor acht en de voorstelling begon om acht uur. Toch nog maar snel even naar het toilet. Dat dachten zo’n zesentwintig andere dames ook. Er stond een megarij.

Al snel raakten wij dames in gesprek: hoe het toch kan dat er áltijd te weinig damestoiletten zijn. De heren konden mooi doorstromen. Er ontstond een discussie of we daar dan aan zouden sluiten. Ik houd daarvan. En het is nu ook eenmaal zodat wij het niet altijd makkelijk hebben, plasgewijs dan.
Tijdens lange autoritten bijvoorbeeld stappen al mijn mannen bij een parkeerplaats gerust even uit en komen fris en uitgeplast uit de bosjes terug. Terwijl ik dan naar het openbare en duistere hokje moet en boven de toiletzitting hang om maar niets aan te hoeven raken. En dat mijn tas met zakdoekjes nog in de auto ligt. Al ga ik trouwens alleen uit pure noodzaak naar dat soort toiletten hoor. Vaak zoeken we er één bij een tankstation. Als u ook in het buitenland naar dat soort toiletten gaat weet u vast welke ik bedoel: die met die bonnetjes. Dat je dan 70 cent moet betalen, en je door een poortje kunt  en een tegoedbon krijgt van 50 cent. Die je dan weer in kunt leveren als je iets koopt. Wij bewaren die heel goed. Op verschillende plaatsen en portemonnees: wij zijn niet zo goed in vaste plekken. En komen we dan ergens waar we ze in kunnen leveren dan denken we daar pas aan ná het betalen. Waardoor we vervolgens het hele jaar rondlopen met die bonnetjes tot we weer naar het buitenland gaan. U begrijpt de vicieuze cirkel vast al.
Maar goed, de wachtrijen voor de dames wc’s: daar begon ik mee. Gek eigenlijk, dat we het daar niet zo snel over hebben, terwijl we allemaal onze behoeften moeten doen. Ik wilde nog iets schrijven over op vakantie naar de wc gaan, reguliere poeptijden binnen ons gezin en het nachtelijke poepen van onze hond. (Dat gaat nu goed hoor!) Maar ik heb mijn hoeveelheid letters voor deze column alweer bereikt, dus dat bewaar ik voor een andere keer. Als u daar behoefte aan heeft.

Karin van Dijk